Visserij Historie Harderwijk
Nieuws Botter Stichting Vischafslag Visserijdagen Arrangementen Contact

TOP

BIJDENDIJK UIT NUNSPEET VAART UIT MET BOTTERVLOOT

HOE DE VIS VERDWIJNT UIT HARDERWIJK

BOTEN BIJ DE VIS

GEZELLIGE NIEUWJAARSRECEPTIE OP 5 JANUARI IN DE VISCHAFSLAG

LIEFDE EN PASSIE VOOR BOTTERS

ONDERWIJSPROJECT 'DE BOTTERVISSERS VAN HARDERWIJK'

VAARTOCHT OP EEN ECHTE HARDERWIJKER BOTTER!

HK172 TE WATER GELATEN

BOTTER STICHTING EN MIJN SCHOOL ZOEKEN SAMENWERKING

DE BOTEN VAN DE HARDERWIJKSE BOTTER STICHTING



BIJDENDIJK UIT NUNSPEET VAART UIT MET BOTTERVLOOT

Koffiehandelaar Bijdendijk uit Nunspeet bestaat 175 jaar en pakt daarom flink uit met relaties en gasten van over de hele wereld. Bijdendijk is een klein bedrijf met slecht acht werknemers maar is op het gebied van import en export van koffie een grote speler. Het 175 jarige bestaan mag daarom ook gevierd worden vindt directeur H. Bouw. (Klik op het YouTube logo)


Na vertrek uit Nunspeet met vier historische bussen toog het gezelschap dat uit rond 175 personen en vele nationaliteiten bestond naar Harderwijk, waar een heuse bottervloot op ze lag te wachten. Maar liefst 17 botters uit Harderwijk, Elburg, Vollenhove en Spakenburg lag op de gasten te wachten voor een nostalgische zeiltocht op het Wolderwijd.

De weersomstandigheden werkten mee, want het zonnetje scheen, de temperatuur was aangenaam en er stond een lekker briesje.


De tocht bracht het gezelschap, dat bestond uit vrienden, familie en zakenrelaties, naar een van de eilandjes in het Randmeer, waar Van den Berg Catering een heerlijke lunch voor de gasten had klaarstaan. Palingroker Henk van Graffijland had daar inmiddels zijn rooktonnetje geïnstalleerd om de gasten te trakteren op en andere lokale lekkernij, gerookte paling. Terug aan de wal ging het gezelschap naar Hulhorst waar de gasten nog een diner werd aangeboden.


HOE DE VIS VERDWIJNT UIT HARDERWIJK

’t Fuikje, de laatste vishandel in het historische centrum van Harderwijk, sluit binnenkort de deuren. Daarmee is de teloorgang van de bedrijfstak die het stadje voorspoed bracht compleet. Nazaten van vissers en palingrokers doen er alles aan om hun voorouders, die de Zuiderzee trotseerden op zoek naar vis, te eren. “De moderne mens wil weten wat hij eet“.


De hemel boven Harderwijk is op de zoveelste hete dag deze zomer strakblauw. Geen wolkje aan de lucht. Zelfs geen rookwolkje. Vrijwel alle traditionele palingrokerijen, waarvan er vele tot in de jaren 80 in de historische binnenstad te vinden waren, zijn verdwenen. De palingvangst is teruggelopen én diverse buurtcomités hebben een effectieve lobby tegen het roken gevoerd.


In het oude centrum herinnert alleen nog viszaak ’t Fuikje in de Luttekepoortstraat aan de roemrijke vissersgeschiedenis van Harderwijk. Maar niet meer voor lang. Binnenkort sluiten de eigenaren, het echtpaar Arie-Jan en Gerda Cornelissen, na 41 jaar de deuren.


De Cornelissen, 70 en 67 jaar oud, trekken de lange werkdagen van dertien uur niet meer. De opbrengst van de verkoop van het winkelpand op een A-locatie is hun oudedagvoorziening. Maar geen visboer die het wil overnemen. “Niemand komt nog in de binnenstad”, zegt plaatsgenoot en bekende vishandelaar Dries van den Berg. “Toen Arie zijn zaak begon, kon je met de auto door zijn straat rijden. Nu krijg je op de fiets al een bekeuring”.


Ook de relatief kleine oppervlakte van ’t Fuikje maakt het volgens Van den Berg onaantrekkelijk voor jonge visboeren om het winkeltje voort te zetten. “Je wint de oorlog niet meer met 40 vierkante meter. Er moet ruimte zijn voor minimaal een paar honderd klanten per dag, anders ben je niet rendabel”.


Slavenbestaan

De verwerking van de hoeveelheden vis die daar voor nodig zijn, is voor de traditionele man-en-vrouw viszaken haast niet meer te doen. Elke dag moet de verse vis weer bereid worden. “Arie stond dus elke dag vroeg op om dat te regelen en sloot de boel pas weer af om half acht ’s avonds”, zegt Van den Berg hoofdschuddend. “Zes dagen in de week. Die man maakte werkweken van tachtig uur. Met zijn leeftijd heeft hij gewoon tachtig arbeidsjaren achter de rug. Ik vind het zó knap hoe hij dat heeft gedaan. Maar niemand van de jongere generaties die zo gek is om dat ook te gaan doen. Het is een slavenbestaan”. Gerda Cornelissen zei eerder in deze krant er niet aan te moeten denken dat een stad als Harderwijk geen viszaak meer heeft in het centrum. Maar die kans is levensgroot “We zijn nu zo ver dat als iemand er knopen wil verkopen, het pand zó weg gaat. Want het is ons pensioen. We hebben geen andere oudedagsvoorziening”.


Wie al te lang praat met Harderwijkers uit de visserij wordt al snel overvallen door een bepaalde zwaarmoedigheid. Hun enthousiasme over de “prachtige visjes” werkt aanstekelijk. Maar de meedogenloosheid van de hedendaagse markt geeft een bittere nasmaak. Kleinschalige ambachtelijkheid is bijna niet meer winstgevend te krijgen. Wie daar vanuit een passie toch van probeert te leven, werkt zich half dood.


Gezegde

“Zo was het in de ‘goede tijd’ van een eeuw geleden eigenlijk ook al”, vertelt Peter Engelgeer, een gepensioneerde buschauffeur. Zijn vader, Piet Engelgeer, repareerde in die tijd de eikenhouten zeilbootjes van de vissers op de werf aan de Havenkade. Uit zijn jeugd en de verhalen van zijn familie herinnert hij zich het zware leven van de vissers. “Ken je dat gezegde niet?” grinnikt Engelgeer, “Koop een boot en werk je dood”.


  

Henk Zoer (links) en Peter Engelgeer aan het werk op de botter HK172, waarmee ze dagjesmensen rondvaren in de omgeving van Harderwijk en zo het rijke visserijverleden van het stadje levend houden. Foto: henri van der beek © Vakfoto Van Der Beek


Zelfs ten tijde van de Zuiderzee (die in 1932 werd afgesloten, red.), toen de vissers nog de Noordzee konden bereiken, waren er vette en magere jaren. Engelgeer: “De vissersvrouwen kochten de spullen en het eten die hun gezinnen nodig hadden in de winter op de pof. Pas in de zomer konden ze alles afbetalen”. Zelfs een enorme vangst aan haring, garnalen en bot, garandeerde de vissers geen bergen met geld. Koelkasten bestonden niet en de vis was met een dag bedorven. De vissers begonnen overgebleven vis achter hun schuurtjes te roken om meer opbrengsten uit hun vangst te halen. De langere houdbaarheid was veelbelovend en tientallen vissersfamilies volgden dit voorbeeld. Harderwijk baadde in winstgevende rook en een nieuwe traditie was geboren.


Botters

Engelgeer houdt de herinnering aan de creatieve en taaie vissers graag in leven. Hij is één van de veelal gepensioneerde vrijwilligers die via de Botterstichting drie oude, eikenhouten vissersbootjes van ruim honderd jaar oud hebben gekocht en gerenoveerd. Aan het begin van de vorige eeuw had Harderwijk een vissersvloot met 150 van deze ‘botters’. Nu kunnen toeristen elke woensdag en zaterdag op drie van de overgebleven botters rondvaren op de meren die vroeger de Zuiderzee vormden. Er is genoeg animo onder dagjesmensen. Terwijl Engelgeer samen met zijn collega-schipper Henk Zoer op de 119 jaar oude botter HK172 een vracht passagiers de Havenkade binnenloodst, staat de volgende groep alweer te wachten. Na een korte plaspauze installeren de mannen zich weer achter het roer.


Eenmaal op het open water klauteren de gepensioneerde hobbyschippers soepeltjes over het bruingekleurde dek en sjorren met hun eeltige klauwen aan touwen om het zeil te hijsen wanneer de botter dankzij een motor het Wolderwijd bereikt. De motor valt stil en rustig glijdt de boot even verder tot het laatste zuchtje wind verdwijnt. “Goh, je moest vroeger niet al te veel haast hebben”, grapt een passagier. De lange en tanige Zoer lacht het spleetje tussen zijn voortanden bloot. “Ja, je was volledig van de natuur afhankelijk. Die mannen gingen op maandagochtend de haven uit en wisten niet wanneer ze terug zouden keren. De wind moest hen gunstig gezind zijn”.


Dubbele bodem

Via netten en lange lijnen konden de relatief brede botters duizenden vissen binnenhalen. De vangst werd via een bak op het midden van het dek tussen de dubbele bodem van de boot gegooid. “Door deze ruimte stroomde zeewater”, doceert Zoer. “Daardoor bleef de vis in leven en vers tijdens de meerdaagse reis”. Onder de passagiers klinkt goedkeurend gemompel over dit staaltje slimheid in een tijd zonder koelkasten. De schippers scheppen plezier in het delen van hun kennis. Het is een handige manier om de vaartjes aantrekkelijk te maken, zodat ze met de opbrengst de botters kunnen onderhouden. “We hebben sinds een paar jaar een eigen loods naast de molen op Havenkade”, zegt Zoer. “Met boeken en de kennis die sommigen nog van hun ouders hebben meegekregen, proberen we de boten zelf zo goed mogelijk te onderhouden en te repareren”. Deze inzichten willen ze documenteren, zodat hun botterkennis in Harderwijk blijft behouden voor het nageslacht. Op die manier worden ook toekomstige vrijwilligers niet te afhankelijk van de prijzige professionele werven in Spakenburg en Workum.


Kennis

Het geeft te denken dat deze kennis inmiddels zeldzaam is. De Harderwijkse economie werd nog niet zo lang geleden voortgestuwd door de visserij. Los van de vissers waren er ook de bouwers op de werven, mandenvlechters, visnettenreparateurs en natuurlijk de vishandelaren die hun eigen vakkundigheid hadden. Vanaf de kade probeert de laatst overgebleven Harderwijkse palingroker, Dries van den Berg, van zijn ambachtelijke palingroken een toeristische trekpleister te maken. Zo blijft ook deze traditie in de toekomst behouden. Samen met zijn zoon, Peter, opent hij in november een heus vispaleis die een half miljoen bezoekers per jaar moet trekken.


Deze viszaak wordt gecombineerd met een palingmuseum, waar bezoekers alles te weten kunnen komen over het Harderwijkse visserijverleden, de verschillende visserijtechnieken en de soorten paling die wereldwijd leven. En de bezoekers kunnen over de schouder van Van den Berg meekijken om te ervaren hoe ingewikkeld het roken van een paling is. De vishandelaar heeft grote verwachtingen van de onderneming, maar ook hier speelt de kwestie van het veiligstellen van de inmiddels zeldzame kennis van hoe je correct een paling rookt. Van den Berg is inmiddels een zestiger en deze tak van sport is niet het grootste talent van zijn zoon.


“Hij krijgt ze bruin, hij krijgt ze eetbaar”, bromt Van den Berg. “Van mijn paling word je gelukkig en zijn paling, tja, die vind je lekker.

Ik mag dan een mierenneuker zijn, maar ik vind het wel een belangrijke nuance”.


Milliseconde

Van de honderden mensen die Van den Berg in dienst heeft gehad, was er maar een handvol die het palingroken echt snapte. “Zoiets kun je pas na vijf jaar, wanneer je een miljoen palingen door je handen hebt laten gaan en in een milliseconde kunt beslissen of het een geschikt exemplaar is om te roken”. In die milliseconde moeten vele vragen worden beantwoord. Welke palingen hebben nog zomerhuiden in plaats van winterhuiden? Is het een gespierde ‘marathonloper’ op zoek naar voedsel of een ‘dikke luie paling’? Het verschil in dikte maakt veel uit voor de hitte en hoeveelheid vocht die je moet gebruiken tijdens het roken, anders verschrompelen de vissen.


“Hoe ik drie uur besteed aan het roken - beetje water erbij, wat hout eruit - dat zien en leren mensen, denk ik, graag”, zegt Van den Berg. Klanten willen weten waar de vis vandaan komt. Hoe hij wordt gevangen en wat hij heeft gegeten en of dat gezond is. Als ondernemer moet je die trends zien. En toevallig heb ik de mazzel dat mijn zoon dáár erg goed in is. Als de vishandelaar zijn opvolger voor het roken op tijd weet te vinden, is hij overtuigd van het overleven van de palingtraditie in Harderwijk. “Het mooie is dat de behoefte van de moderne mens naar kennis over de herkomst van voedsel eigenlijk een terugkeer is naar vroeger toen men dat soort dingen gewoon wist”.

(Bron: Sander Zurhake 04-08-18 - De Stentor)


BOTEN BIJ DE VIS

De Zuiderzee vormde de spil van het bestaan voor de dorpen en steden rond het water en de visserij was hier één van de belangrijkste bronnen van voedsel en inkomsten. Voor vissers zijn de schepen waarmee ze uitvaren van het grootste belang. In de eerste plaats moesten deze veilig en stabiel zijn. Daarnaast moest de vorm aansluiten bij de locaties waar gevist werd en moest het schip voldoende ruimte bieden om de vis vers op te slaan. Rond de visserij ontwikkelde zich een ware industrie: scheepswerven, zeilmakerijen en touwslagers speelden allemaal hun eigen rol in de Zuiderzee-economie.


Met de afsluiting van de Zuiderzee en de komst van metalen schepen, raakten de houten schepen in onbruik voor de visserij. Sommige kregen een nieuwe functie in de pleziervaart. De overgebleven scheepswerven richtten zich op scheepsonderhoud of andere vormen van scheepsbouw. Kom naar de tentoonstelling Boten bij de vis en maak kennis met de vissers, hun schepen en de werven waar ze werden gebouwd.


De tentoonstelling is een initiatief van Netwerk Zuiderzeecollectie en is samengesteld door Museum Spakenburg, het Huizer Museum, Stichting Musea Noardeast Fryslân, het Wieringer Eilandmuseum Jan Lont, Waterlands Museum De Speeltoren, Museum Kaap Skil, Stadsmuseum Harderwijk, het Fries Scheepvaart Museum en het Zuiderzeemuseum.


Afgelopen zaterdag werd de landelijke tentoonstelling ‘Boten bij de Vis’ geopend. Peter Engelgeer opende samen met directrice Corien van der Meulen (van het Stadsmuseum) de tentoonstelling. Peters vader -Piet Engelgeer- werkte op de Kleine Helling ‘Onze toekomst’. De vader van Peter was een vakman in hart en nieren! Hoe mooi was het dat Peter de tentoonstelling mocht openen.


Stadsmuseum Harderwijk van 13 januari tot 4 februari 2018.

Donkerstraat 4, 3841 CC Harderwijk


Openingstijden Stadsmuseum Harderwijk:

Dinsdag t/m zaterdag van 10.00 – 17.00

Zondag van 12.00 – 17.00 uur


De begane grond met expositieruimte, museumwinkel, Universiteitszaal, Tuinzaal en ons Cultuurcafé met terras is gratis toegankelijk. (0118)


GEZELLIGE NIEUWJAARSRECEPTIE OP 5 JANUARI IN DE VISCHAFSLAG

Zo’n veertig tot vijftig vrijwilligers, botterspeld-dragers en relaties bezochten vrijdagavond de nieuwjaarsreceptie van de Botterstichting, Stichting Vischafslag en Visserijdagen in Harderwijk. Gezamenlijk werd het nieuwe jaar ingeluid en wenste men elkaar alle goeds. Voorzitter Fred Zoer memoreerde kort het afgelopen jaar waarin het niet altijd voor de wind ging, maar waar op diverse terreinen vooruitgang werd geboekt.


De voorzitter bedankte de vrijwilligers die zich met hart en ziel inzetten voor het behoud van het historisch erfgoed en sprak de wens uit dat we ook in 2018 op een positieve manier met elkaar blijven samenwerken, zowel als vrijwilligers onderling alsook als organisaties die zich bezig houden met historie en cultuur. Fred Zoer benadrukte daarbij vooral het belang van goede communicatie! Kijk hier voor de foto’s (0118)


LIEFDE EN PASSIE VOOR BOTTERS

Tientallen vrijwilligers zetten zich in om de drie botters in Harderwijk in een perfecte staat te houden.


Vrijwilliger Willem Timmer verricht samen met zijn collega’s van de Botter Stichting regelmatig het noodzakelijke onderhoud aan de botters, zoals het oliepeil, motorenonderhoud en in de wintermaanden de grote reparaties.


“Wij werken hier met veel plezier in onze botterloods. Mijn hobby, het vervaardigen van kleine bottermodellen, sluit hier volkomen bij aan. Dit doe ik al mijn hele leven, al vanaf dat ik iemand ontmoette die hiermee bezig was, ik ging bij hem in de leer. Ik heb het verder uitgebouwd en contact gezocht met dhr. Vos, de bouwer van de replica van de Batavia. Uiteindelijk kwam ik uit bij Scheepstimmerwerf Nieuwboer in Spakenburg. Daar heb ik verschillende tekeningen van scheepsmodellen op schaal gezien waardoor ik weer een stap verder ben gekomen. Aan de hand van die tekeningen ben ik begonnen met het vervaardigen van botters op schaal 1 op 20. Per model ben ik er ongeveer 1000 uren mee bezig. Uit de verkoop van de modellen kan ik nieuwe materialen aanschaffen, zoals touw, hout en zeildoek. Dikwijls zoek ik in de Kringloop naar oude eiken kasten, omdat die uit mooi droog en uitgewerkt hout bestaan, zodat er geen kieren in mijn modellen ontstaan. Inmiddels heb ik zo’n vijftig modellen vervaardigd.”


Bottertochten

Henk is een van de 35 vrijwilligers binnen de stichting. Zij zorgen er voor dat de schippers met de botters, de HK 21, 22 en 172 tijdens de zomermarkt over het Wolderwijd kunnen varen. Henk benadrukt dat dit alleen mogelijk is door de hechte samenwerking tussen de vrijwilligers. “Zij werken vaak achter de schermen en werken tijdens de wintermaanden in de loods om de botters op te knappen. Soms huren we mensen van Botterwerf Spakenburg voor specialistische klussen. We letten dan goed op en leren het dan zelf te doen."


Cursus

Voorzitter Fred Zoer heeft de intentie om in de wintermaanden een cursus miniatuur botters bouwen te starten. Willem: “Hier in de loods zijn alle voorzieningen aanwezig. Cursisten kunnen naar onderdelen van bestaande botters kijken en kennis en inzicht opdoen. We starten bij voldoende belangstelling en mogelijk kunnen we ook vrijwilligers binnenhalen.“

Opgeven via BotterStichting@VisserijHistorieHarderwijk.nl

Lex Schuijl (170806) Harderwijker Courant


ONDERWIJSPROJECT 'DE BOTTERVISSERS VAN HARDERWIJK'

Harderwijk is een oude vissersplaats en we mogen ons verheugen op een kleine bruine vloot met botters in de haven en sinds 2016 zelfs met een echte Vischafslag. Maar, wie weet er nog iets over het oude ambacht van de visserij, de gebruikte visserijmethoden of hoe de vissers vroeger leefden.


Voor leerlingen in het basisonderwijs is er een complete lesbrief 'De Bottervissers van Harderwijk' beschikbaar inclusief een docentenhandleiding. In drie praktische lessen wordt aandacht gegeven aan de visserijhistorie, de schepen en de vangst en het leven, zoals de vissers dat vroeger leefden. De lesbrief is voorzien van een aantal opdrachten die zowel individueel als in groepsverband kunnen worden uitgevoerd en die allen betrekking hebben op het visserijverleden van Harderwijk.


Voor leerlingen van het basis-, en voortgezet onderwijs in de leeftijd van 10 tot 14 jaar vormt het een interessant lespakket dat zich prachtig laat combineren met een bottertocht en een bezoek aan de Vischafslag of het Vissershuisje. Zo wordt de geschiedenis weer tot leven gebracht en maken leerlingen kennis met de kern van het oude Harderwijk.


Informatie over dit lespakket en bestellingen van lesbrieven en docentenhandleiding zijn te verkrijgen bij Evert van der Meer, medewerker educatie van de Vischafslag. Hieraan zijn geen kosten verbonden!

Email: E.vd.Meer@VisserijHistorieHarderwijk.nl


VAARTOCHT OP EEN ECHTE HARDERWIJKER BOTTER!

Voor de echte Harderwijkers is het natuurlijk een 'must' en voor de toeristen en bezoekers van onze mooie stad is het een prachtige gelegenheid om Harderwijk eens te zien van de andere kant, de waterkant. Op de komende woensdagen als Harderwijk het toneel is van de zomermarkt (wordt het echt zomer?) bestaat de mogelijkheid een rondvaart te maken op een echte botter.


De HK 21, HK22 en HK 172 liggen gereed bij de Vischafslag en maken bij voldoende belangstelling tochtjes van een klein uurtje op het Wolderwijd.
U vaart dan met de botter langs de dijk van Oostelijk Flevoland, richting Zeewolde. De tocht duurt een klein uurtje en onderweg zal de schipper u het een en ander vertellen over deze 'monumenten' van de Zuiderzee, niet zelden al ouder dan 100 jaar die nog steeds op het water zijn. Nu niet meer om te vissen, maar om met toeristen en dagjesmensen een gezellige en mooie boottocht te maken. Kaarten zijn te verkrijgen bij de Vischafslag.


De boten vertrekken op 2, 9 en 16 augustus en varen tussen 10.00 uur en 17.00 uur.


HK172 TE WATER GELATEN

Zo'n twintig vrijwilligers hebben 'm deze winter flink opgekalefaterd. Vrijdag was ie klaar en mocht burgemeester Harm Jan van Schaik het paradepaard van de Harderwijkse Botter Stichting, de botter HK172, te water laten.


Dat gebeurde onder toeziend oog van flink wat plaatsgenoten die het Harderwijkse visserijverleden een warm hart toedragen. Niet zo vreemd, want de HK172 was de eerste botter die de Botter Stichting in 1980 aankocht om zo het varend erfgoed van Harderwijk veilig te stellen. Het schip is de afgelopen decennia veelvuldig gebruikt voor het maken van dagtochten en nam ook deel aan onderlinge botter zeilwedstrijden, waaronder de beruchte roemruchte Oost- en Westwalwedstrijden op IJsselmeer, Markermeer en Randmeren.


De HK172 is grondig opgeknapt. Op 26 november vorig jaar werd de botter uit het water getakeld en is de volgende twee en een halve maand in de botterloods naast de Visafslag aan de Havendijk flink onderhanden genomen door zo'n twintig vrijwilligers. In ploegen van vijf man hebben ze zeven dagdelen per week - op dinsdag zelfs de hele dag - onder leiding van scheepstimmerman Karel Blok het schip weer vaarklaar gemaakt. ,,Het schip is van buiten en van binnen schoongemaakt, geschuurd, gebreewd met - net als vroeger - onder andere hennep en katoen", vertelt Bernhard Munnike, één van de vrijwilligers van het eerste uur. “Nee, er is geen spek in de kieren gegaan. Wel gewone kit".


De tewaterlating van de schitterend opgeknapte botter vond plaats bij de Vischafslag.

Volgens voorzitter Fred Zoer van de Harderwijkse Botter Stichting was het voor het eerst in zeventig jaar dat er op die plek weer een schip te water werd gelaten. Midden vorige eeuw lag op de plek waar nu de Visafslag staat een 'kleine helling' van 'De Toekomst', een hellingbaan met een loods waar de vissers hun boten repareerden en in- en uit het water haalden.

Nu ging het met een stalen liftconstructie die de schepen hydraulisch in en uit water takelt. Het schip is van buiten en van binnen schoongemaakt, geschuurd en gebreewd met onder andere hennep en katoen. (0217)


BOTTER STICHTING EN MIJN SCHOOL ZOEKEN SAMENWERKING

Recentelijk is de samenwerking tussen Mijn School en de Harderwijkse Botter Stichting bekrachtigd. Een van de doelen van Mijn School is het bieden van praktijkonderwijs en de Botter Stichting biedt hiervoor praktische mogelijkheden. Veel jongeren vinden het een uitdaging om aan en met oude schepen te werken en in de botterloods van de Vischafslag zijn hiervoor veel mogelijkheden. Door het bieden van een werkplek komen leerlingen in aanraking met vrijwilligerswerk en leren dat ze een betekenisvolle bijdrage aan de maatschappij kunnen leveren zonder daarvoor te worden betaald.


Een aantal jongeren van Mijn School heeft een voorliefde voor zeilen en het restaureren van oude schepen. Zo restaureerden leerlingen al menig scheepje en wordt momenteel een Schokker (HK 59) onder handen genomen op de school. De Botter Stichting biedt twee stageplekken aan voor leerlingen van Mijn School. De eerste jongeren zijn al geselecteerd en kunnen binnenkort nu ook op de nieuwe botterwerf aan de slag onder begeleiding van Karel Blokhuis (oud-leerkracht techniek en vrijwilliger).


Leerlingen van Mijn School worden bij hun werkzaamheden begeleidt door een docent van deze opleiding, die beschikt zowel over vakinhoudelijke- als pedagogische kwaliteiten. Beide organisaties verwachten een vruchtbare samenwerking in de toekomst!


DE BOTEN VAN DE HARDERWIJKSE BOTTER STICHTING

In het bezit van de Harderwijkse Botter Stichting zijn de Botters HK21, HK22 en de HK172. De foto en uitleg van deze boten staat hier. Daarnaast bezit de Stichting nog een pluut, de HK4.


De HK4 is gebouwd in 1923 door Daan Balk in Elburg, naar een model van een Grafhorster kaarpunter, maar dan breder. De afmetingen zijn 7,20 x 2,10.

Het zit tussen een punter en een pluut in, dat is de reden waarom we haar nu een pluunter noemen.


Van Foppen Vastgoed, die de Botter Stichting altijd een warm hart toedraagt, kregen we een tijdelijke ruimte aangeboden waarin we met de HK4 aan het werk konden. Het uit het water halen en het transport en de uiteindelijke te waterlading, is kosteloos verzorgd door de watersportvereniging Flevo, waar we hun zeer dankbaar voor zijn. Ook deze mensen hebben een voorliefde voor authentieke schepen.


KLIK op een foto voor een UITVERGROTING



NIEUWS|BOTTER STICHTING|VISCHAFSLAG|VISSERIJDAGEN|ARRANGEMENTEN|CONTACT




Foto: OGB Design

BOTTER STICHTING


   BotterStichting
@VisserijHistorieHarderwijk.nl


      


      


Ooit lagen in de haven van Harderwijk meer dan 170 botters. Nu nog maar een enkeling waaronder de HK172 die de gemeente trots gebruikt om gasten te ontvangen en rond te leiden in de oude universiteits- en garnizoensstad.


Het verdwijnen van de Vissersvloot is het gevolg van de afsluiting van de Zuiderzee. Het water werd zoet en de haring en ansjovis verdwenen.

Wat over bleef was de paling die nog altijd door Harderwijkers wordt gevangen en gerookt.



Het verleden van Harderwijk in
174 oude foto’s en ansichtkaarten


Zomaar een filmpje van de HK22